Onderstaand artikel, geschreven door Martin van den Hout van Vadeo Onderhoudsadvies, verscheen in het magazine OnderhoudsTechniek & -Management (OTM) in oktober 2002. OTM is een uitgave van Elsevier bedrijfsinformatie.
Ir. Martin van den Hout is redactie-adviseur van OTM.

RCM in de praktijk


Schiphol optimaliseert noodstroominstallatie met RCM

Op Schiphol heeft een team van deskundigen van verschillende bedrijven een RCM-studie van de noodstroominstallatie uitgevoerd. Het team stelde een onderhoudsschema op, waarmee de beschikbaarheid van de noodstroomvoorziening optimaal gegarandeerd wordt. Reliability Centered Maintenance, kortweg RCM, is een techniek waar je veel over hoort, maar die maar relatief zelden wordt toegepast. Het is een beproefde methode om de betrouwbaarheid van een installatie te verbeteren.

Op Schiphol is begin dit jaar het eerste deel van een RCM analyse van de noodstroomvoorziening afgerond. Een team heeft enkele warmtekrachtkoppelingen (WKK's) geanalyseerd. De WKK's bestaan uit twaalfcilinder-gasmotoren die de generatoren van de noodstroomvoorziening aandrijven. De restwarmte van deze gasmotoren gebruikt Schiphol voor de verwarming van enkele gebouwen.
De WKK's draaien continu; op het moment dat de elektriciteitsvoorziening van het provinciale net uitvalt, moeten ze de levering van elektriciteit naar de luchthaven overnemen.
Behalve de generatoren en de gasmotoren van de WKK's, heeft het team ook de randapparatuur, zoals de schakelpanelen en koelwatersystemen geanalyseerd.
Het team bestond uit medewerkers van verschillende bedrijven.

Jelle Bierma, maintenance engineer bij de afdeling Nieuwbouw en Beheer van Schiphol: "Naast onze eigen onderhoudsdienst nam ook een medewerker van Dalkia deel. Dalkia is als hoofdaannemer verantwoordelijk voor het onderhoud van de WKK's. Met Dalkia is in een onderhoudscontract vastgelegd dat alle onderhoudsschema's met de RCM-methodiek worden geoptimaliseerd. Ook een medewerker van Powertec, een bedrijf dat gespecialiseerd is in het onderhoud van WKK's, nam deel aan het project. Vadeo Onderhoudsadvies trad op als facilitator van de analyse." Een facilitator is iemand die in principe de installatie niet kent, maar wel het proces van RCM goed beheerst. Hij begeleidt de vergaderingen, instrueert de leden van de groep hoe RCM werkt en helpt hen de juiste keuzes te maken. Het is noodzakelijk dat de facilitator zelf een sterk technische achtergrond en onder andere kennis van het storingsgedrag van verschillende componenten heeft.
Tijdens de eerste kennismaking legt de facilitator aan de leden van het team uit wat de procedure is die bij RCM-sessie gevolgd wordt. Hij legt de resultaten van de sessies vast en zorgt ervoor dat de scope van het project goed afgebakend wordt.
Eén uitkomst van de analyse kan zijn dat een bepaald deel van de installatie gemodificeerd moet worden om de betrouwbaarheid te garanderen, omdat dit niet met onderhoud alleen kan. De facilitator moet dan zorgen dat het team niet de modificatie gaat uitwerken, maar doorgaat met het volgend punt van de analyse, zodat de vaart erin blijft. Het team op Schiphol had tien sessies nodig om een onderhoudsschema voor de warmtekrachtkoppelingen op te zetten.

Praktijkervaring

Belangrijk bij RCM is dat de studie wordt uitgevoerd door mensen die echt dagelijks met de installatie in aanraking komen en die de installatie echt goed kennen. Het is namelijk nodig een goede inschatting te kunnen maken van de kans op een storing en goed te kunnen voorspellen wat er precies gebeurt als een bepaalde component faalt. Dit laatste bepaalt in sterke mate de onderhoudsactie die gekozen moet worden. De mensen in het team moeten bijvoorbeeld goed weten of een bepaalde storing te voorspellen is door bijvoorbeeld een oplopende temperatuur. In dat geval kan het storingsrisico teruggedrongen worden door regelmatig de temperatuur te meten en in te grijpen als deze te hoog wordt.

STERKE PUNTEN VAN RCM

Eén van de sterke kanten van RCM is dat het gebruik maakt
van de ervaringen die in het verleden
op dit gebied zijn opgedaan.
Veel componenten blijken namelijk een ander
storingspatroon te hebben dan de meeste technici denken.
Zo blijkt de beroemde badkuipcurve
slechts van toepassing op vier procent van het aantal storingen.
RCM is dus een goede methode om onderhoudsschema'ste optimaliseren.
Het is echter in het ene geval
beter toepasbaar dan in het andere.
RCM is goed toepasbaar voor het opzetten van onderhoudsschema's
voor technische systemen, ook als met die systemen
nog geen ervaring is opgedaan.
De methode is bij uitstek geschikt voor
het verbeteren van de betrouwbaarheid
van installaties waarvan de storingen voor een belangrijk deel bepaald worden door technische oorzaken. De methode is bijvoorbeeld lastiger toepasbaar op installaties
waar storingen vooral veroorzaakt
worden door bedieningsfouten, door een instabiel proces
of door variaties in de grondstofkwaliteit.
In dergelijke situaties biedt de combinatie van RCM
met technieken uit bijvoorbeeld TPM goede resultaten.



Bij een RCM-analyse werkt een team van deskundigen samen, om op een systematische wijze een technisch systeem te analyseren, de functies en mogelijke storingen in kaart te brengen, en vervolgens met een logisch beslisdiagram te besluiten wat voor onderhoud er gepleegd moet worden op het systeem. Omdat de hele werkwijze logisch in elkaar zit en wetenschappelijk onderbouwd is, is het een methode die veel mensen die er eenmaal mee gewerkt hebben aanspreekt.
RCM richt zich op de functie van een installatie. Het onderhoud moet dus gericht zijn op het instandhouden van de functie en niet van de installatie op zich.
Bij het opzetten van onderhoud met RCM, wordt eerst van iedere component in een installatie tot in het kleinste detail de functionele eisen vastgesteld. Vervolgens analyseren het team welke storingen het functioneren van een installatie kunnen verstoren en wat de oorzaken en gevolgen van deze storingen zijn.
RCM besteedt speciale aandacht aan het onderhoud van beveiligingen en redundant uitgevoerde apparatuur. Dit soort componenten komt steeds meer voor in technische installaties. In principe zal een storing van een dergelijke component geen directe gevolgen hebben. Pas op het moment dat een tweede component in storing gaat, komt de functie van de hele installatie in gevaar. Het gevolg hiervan is dat door de grote werkdruk, veel technische diensten het onderhoud van dergelijke componenten verwaarlozen.

TIEN TIPS VOOR EEN EFFECTIEVE RCM-SESSIE

  1. Zorg dat je ongestoord kunt werken.
    Ga in een ruimte zitten ver van de eigen werkplek.
  2. Zorg voor een flipover om de analyse te kunnen opschrijven.
    De notulist moet het kunnen overnemen.
  3. Zorg dat de deelnemers elke keer aanwezig zijn
    en vervang iemand niet halverwege een serie sessies.
  4. Leg de deelnemers het RCM-proces goed uit.
  5. Maak goede afspraken over de scope van de analyse
    (wat er wel en wat er niet bijhoort).
  6. Zorg dat in het team mensen zitten die weten wat de aan het systeem te stellen eisen zijn,
    hoe het werkt en welke storingen er optreden.
    (ervaren monteurs, operators, (productie-)engineers.
  7. Zorg voor een facilitator die niet alleen ervaring heeft met het RCM-proces,
    maar ook technisch goed onderlegd is.
  8. Zorg voor een onpartijdige facilitator die geen belangen heeft bij de besluiten
    over het onderhoud. Hij mag niet beïnvloedbaar zijn door derden.
  9. Doe de faalwijze-analyse van achterliggende oorzaken tot op het niveau waarop je
    nog concrete tegenmaatregelen kunt nemen. Gedetailleerder kun je eeuwig doorgaan.
  10. Leg afspraken over de implementatie van het gekozen onderhoudsschema duidelijk vast.

Resultaten

Tijdens de analyse van de WKK's zijn een aantal belangrijke resultaten geboekt. Jelle Bierma: "In een aantal gevallen bleken regelmatig optredende storingen eenvoudig te voorkomen. Zo bleken er in de praktijk veel problemen op te treden met bougies die versleten voordat ze aan de beurt waren om vervangen te worden. De standtijd van de bougies bleek vrij constant. Daarom is besloten om voorlopig de bougies vaker te vervangen.
Ook bleken een aantal onderhoudsacties, zoals periodieke revisie van de generator, in principe overbodig. Deze konden echter niet zomaar door het team geschrapt worden, omdat de installatie verzekerd is met een machinebreukverzekering. Daarom moeten alle afwijkingen van het onderhoudsschema van de leverancier eerst voorgelegd worden aan de verzekeringsmaatschappij."
Inmiddels heeft een tweede team de analyse van dieselnoodstroomaggregaten op een ander deel van de noodstroomvoorziening van de luchthaven uitgevoerd.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Ir. M.A. van den Hout

VADEO is lid van KIvI, NVDO en SUTO
Ir. M.A. van den Hout is redactie-adviseur van OTM,
vakblad voor Onderhoudstechniek & -management